Voor beginners zijn Ludwigia repens 'Rubin' en Rotala rotundifolia de makkelijkste rode aquariumplanten, mits de verlichting en voedingsvoorziening bij de gekozen soort passen. Alternanthera reineckii 'Mini' geeft een diepe rode kleur, maar vraagt meer licht en liefst CO2. Bij te weinig licht kunnen rode planten groener worden, slechter groeien of onderste bladeren verliezen. De reactie verschilt per soort.

Rode aquariumplanten worden groen: waar ligt dat aan?

Rood is bij waterplanten een beschermpigment. Een plant maakt het aan wanneer hij meer licht krijgt dan hij voor de gewone groei nodig heeft. Daarom blijft een Rotala rotundifolia onder een zwakke lamp groen, terwijl dezelfde plant onder fel licht, met CO2 en ijzer, roze tot rood kleurt. Bij Ludwigia repens 'Rubin' beschrijft kweker Tropica hetzelfde: bij sterk licht wordt de kleur intenser, bij te weinig licht vallen de onderste bladeren af.

Wie vooral groene planten in de bak heeft, hoeft dus niet meteen een andere soort te kopen. Vaak zit het probleem in de combinatie van licht, voeding en schaduw. Een plant die half onder een bladrijke buurman staat, kleurt nooit door, ook niet met de beste lamp. Kijk daarom eerst naar jouw situatie en kies daarna de soort. Dat scheelt geld, tijd en een bak vol dofgroene stengels.

Onze keuze per situatie

Hieronder drie veelvoorkomende situaties. Bij elke situatie hoort een soort die erbij past en een product dat het meeste verschil maakt. Begin bij de situatie die het dichtst bij je eigen bak ligt en verander daarna niet alles tegelijk.

Je hebt een gewone LED-lamp en geen CO2

Dit is de situatie van de meeste beginners. Kies dan voor Ludwigia repens 'Rubin' of Rotala rotundifolia, want beide soorten groeien ook zonder CO2. Tropica noemt voor Rubin een middelmatige lichtbehoefte en geeft als richtlijn ongeveer 0,5 watt per liter, een waarde uit de tijd van de tl-buis. Je krijgt zonder CO2 meer oranje en roze dan diep karmijn, maar de kleur is zichtbaar. Een vloeibare ijzermeststof helpt bij een werkelijk ijzertekort. Bevat je bestaande plantenvoeding al voldoende ijzer, dan maakt extra ijzer de topbladeren niet roder.

Zo ziet een gezonde Rubin eruit: roodbruine toppen, een stevige stengel en bladeren die tot beneden aan de stengel blijven zitten. Ontbreken de onderste bladeren, controleer dan naast schaduw ook de voedingsvoorziening en recente veranderingen in de groeiomstandigheden.

Ludwigia repens 'Rubin' kleurt bij sterk licht intenser, bij te weinig licht vallen de onderste bladeren af.
Ludwigia repens 'Rubin' kleurt bij sterk licht intenser, bij te weinig licht vallen de onderste bladeren af.

Je lamp is te zwak voor rode planten

Worden je planten groen en blijven ze klein, dan ligt het meestal aan de lamp. Voor rode stengelplanten wil je een armatuur dat helder en gelijkmatig over de hele bak straalt, met een volspectrum van rond 6500 kelvin en een dimfunctie. Zo kun je rustig opbouwen en voorkom je dat algen de overhand krijgen. Een dimbare plantenlamp is dus vooral iets voor wie nu een eenvoudige lamp heeft die voor groene planten volstaat. Meer over lumen en spectrum lees je in onze gids over aquarium LED-verlichting.

Je wilt de diepste rode kleur

Voor Alternanthera reineckii 'Mini', Rotala macrandra of Ludwigia 'Super Red' loont CO2 echt. Tropica schrijft bij Alternanthera 'Mini' dat sterk licht en toevoeging van CO2 de groei en het uiterlijk verbeteren. Dat is een stap voor gemiddelde aquariumhouders die graag finetunen en bereid zijn om dagelijks of wekelijks te controleren. Een CO2-set is voor jou als je al een goede lamp hebt en je planten stabiel groeien, maar de kleur nog niet diep genoeg is. Hoe je het inricht, staat in de gids over een CO2-set voor je aquarium.

Waar let je op bij rode aquariumplanten

Deze vijf factoren bepalen of de kleur echt doorkomt. Ze werken samen, dus een tekort aan één factor kan de rest tenietdoen.

1. Lichtsterkte en lichtduur

Kies een lamp die de hele bak goed uitlicht, en zet de rode planten hoog in de bak, dicht bij het licht. Begin met 6 uur licht per dag en bouw rustig op tot maximaal 8 uur. Meer uren leveren zelden betere kleuren op, wel vaker algen. Een tijdschakelaar helpt om elke dag hetzelfde ritme aan te houden.

2. CO2 of geen CO2

Dit is de beslissing waar bronnen het minst over eens zijn. Tropica noemt voor Ludwigia repens 'Rubin' een lage CO2-behoefte. Het genoemde bereik van 6 tot 14 mg/l hoort bij de middelmatige categorie. Andere bronnen schrijven dat de plant ook zonder CO2 groeit en dat extra CO2 vooral de kleur en snelheid verhoogt. Reken er dus op dat je zonder CO2 een soort kunt houden, maar dat de kleur en groei dan rustiger blijven. Kies je wel voor CO2, houd het dan constant: schommelingen geven planten stress en nodigen algen uit.

3. IJzer en micronutriënten

Ijzer wordt het vaakst in verband gebracht met rode kleur. Voor gezonde groei is volgens fabrikant JBL 0,1 tot 0,2 mg/l ijzer genoeg, in sterk beplante bakken kan tot 0,5 mg/l nodig zijn. Doseer daarom in kleine hoeveelheden volgens de verpakking en controleer met een testset. Voor soorten die ook met hun wortels voeden, zoals Echinodorus, is een voedingsbodem of een wortelstick een goede aanvulling. Lees verder in onze gids over plantenvoeding voor het aquarium.

4. Nitraat in balans

Voor planten is een nitraatgehalte van ongeveer 10 tot 25 mg/l een veelgenoemd streefbereik. Zit je bak ver daarboven, dan is waterverversen verstandiger dan meer licht geven. Meet je bijna geen nitraat, controleer dan ook de plantengroei en de voeding in de bodem. Een lage waterwaarde betekent niet automatisch een stikstoftekort. Meet dus eerst en pas daarna aan. Hoe je dat doet, lees je in de gids over aquarium water testen.

5. Groeihoogte en plek

Ludwigia repens 'Rubin' wordt volgens Tropica 20 tot 50 cm hoog, dus plaats hem achterin of in het midden van een bak. Alternanthera reineckii 'Mini' blijft duidelijk kleiner en past ook in een kleinere bak. Bronnen noemen een hoogte van 5 tot 15 cm. Zet hogere soorten op de achtergrond en lagere soorten in het midden of voorin, zodat ze elkaar geen licht afnemen.

Keuzetabel: welke rode plant past bij jou

De tabel zet de bekendste soorten naast elkaar, op basis van wat kwekers en databases erover schrijven. Waar bronnen verschillen, staat de voorzichtigste inschatting.

SoortLichtCO2Voor wie
Ludwigia repens 'Rubin'Middelmatig tot sterkGewenst, niet verplichtBeginner met een goede lamp
Rotala rotundifoliaSterk voor de beste kleurKan zonder, groeit sneller metBeginner tot gemiddeld
Alternanthera reineckii 'Mini'Middelmatig tot sterkAanbevolen voor diepe kleurGemiddeld, kleine tot middelgrote bak
Rotala macrandraSterkAanbevolen, met stabiele doseringGevorderd
Echinodorus (rode varianten)MiddelmatigNiet nodigWie een plant voor het midden zoekt

Let bij het lezen van de tabel vooral op de kolom CO2. Soorten met de aanduiding gewenst of kan zonder zijn vergevingsgezind, bij soorten met aanbevolen kan CO2 de groei verbeteren, maar de noodzaak en het onderhoud verschillen per soort. Kom je uit bij een gevorderde soort terwijl je net begint, bouw dan eerst ervaring op met een stengelplant uit de eerste twee rijen. Een bodem die voeding afgeeft helpt bovendien bij elke soort, omdat stengelplanten ook via hun onderste stengeldeel voedingsstoffen opnemen.

Twijfel je tussen twee soorten, begin dan met de makkelijkere. Je kunt altijd later opschalen. Een overzicht van soorten voor starters vind je in onze gids over aquariumplanten voor beginners.

Veelgemaakte fouten met rode planten

De meeste teleurstellingen komen door dezelfde fouten. Ze zijn bijna allemaal te voorkomen als je weet waar je op moet letten.

  • Te weinig licht, te veel hoop. Een simpele lamp die voor groene planten genoeg is, kan voor rode soorten te zwak zijn.
  • Alle stengels in één bos. De onderste stengels krijgen dan geen licht, worden kaal en vallen af. Plant stengels met 2 tot 3 cm tussenruimte.
  • Alles tegelijk veranderen. Meer licht, CO2 en voeding in één week leidt snel tot algen. Verander één ding tegelijk en wacht een week of twee.
  • Geen ijzer, wel veel nitraat. Dan blijft de kleur dof, ook onder een goede lamp.
  • Te vroeg opgeven. Nieuwe planten kleuren pas na enkele weken, wanneer nieuwe topbladeren zich onder jouw omstandigheden ontwikkelen. De oude bladeren van de kweker blijven vaak groen.

Zie je groene draadalgen op het blad? Dan is er vaak te veel licht in verhouding tot voeding en CO2. Zet het licht een stap terug en kijk daarna weer naar de balans.

Onderhoud en vervangen

Rode planten vragen meer routine dan groene. Plan een vast moment per week voor snoeien, water verversen en zo nodig passende plantenvoeding doseren, zodat je steeds dezelfde volgorde aanhoudt en meteen ziet wat een aanpassing doet. Noteer kort wat je veranderde, dan weet je na twee weken waar de betere kleur vandaan komt.

Stengelplanten groeien snel en moeten regelmatig worden gesnoeid. Knip de toppen af zodra ze het wateroppervlak naderen, steek de bovenste 10 tot 15 cm opnieuw in de bodem en verwijder het onderste kale deel. Zo blijft de plant compact en krijgt elk blad licht. Gebruik een scherpe schaar en een lange pincet, zodat je de wortels van de buren niet losrukt.

Snoei rode stengelplanten regelmatig en plant de toppen opnieuw in de bodem.
Snoei rode stengelplanten regelmatig en plant de toppen opnieuw in de bodem.

Controleer elke week of de onderste bladeren nog gezond zijn. Verliest een stengel steeds meer blad onderaan, controleer dan de lichtinval, voedingsvoorziening en stabiliteit van de groeiomstandigheden. Vervang oude, kale stengels door verse toppen, want verse stekken kleuren meestal sneller dan oude stengels. Zo houd je kleur in de bak zonder telkens nieuwe planten te kopen. Heb je een overschot aan stekken, dan zijn ze ook goed te ruilen met andere aquariumhouders.